Nog 100 dagen te gaan: dit maakt het Autosalon van Brussel 2026 anders dan alle voorgaande edities

Nog 100 dagen te gaan: dit maakt het Autosalon van Brussel 2026 anders dan alle voorgaande edities

Het is begin oktober, de bladeren vallen, en voor de Belgische autoliefhebber betekent dat maar één ding: het Autosalon van Brussel komt er weer aan. Over precies 100 dagen gaan op vrijdag 9 januari 2026 de deuren open van de 102e editie. En organisator Febiac gooit het dit keer over een opvallend andere boeg. Met de terugkeer van de motorfietsen, een extra expohal en een geredde nocturne belooft het salon groter en gevarieerder te worden dan in jaren. Maar of dat ook genoeg is om de bezoekersrecords van weleer te evenaren?

Wie de voorbije jaren het Autosalon bezocht, weet dat het concept langzaam maar zeker uitholde. Minder merken, minder glamour, en vooral: geen motoren meer. Vanaf 2026 moet daar verandering in komen. Febiac, de koepel van auto- en motorimporteurs, trekt resoluut de kaart van de verbreding .

De motoren zijn terug – en ze krijgen een heel paleis

Het meest in het oog springende nieuws is ongetwijfeld de rentree van de tweewielers. Na een afwezigheid van vijf jaar – de laatste editie mét motoren dateert van januari 2020 – blazen ze opnieuw verzamelen in Paleis 9 van Brussels Expo . Liefst 23 motorconstructeurs hebben al hun deelname bevestigd, van vertrouwde namen als BMW Motorrad, Ducati en Honda tot meer exotische spelers . Voor de echte motorfanaat wordt het een weerzien met een oude liefde, voor de gewone bezoeker een uitgelezen kans om eens kennis te maken met de nieuwste tweewielers.

“Uit een grote enquête na de editie van 2025 bleek dat maar liefst 50 procent van de bezoekers ook motoren wilde zien”, legt Christian Lambert, voorzitter van de motorsectie bij Febiac, uit. “We zijn dan ook bijzonder verheugd dat we die wens kunnen inwilligen” .

Een recordaantal exposanten – maar wie ontbreekt?

Tel je de 23 motormerken bij de 63 ingeschreven autoconstructeurs, dan kom je aan een indrukwekkend totaal van 86 exposanten. Dat is volgens Febiac een ongezien aantal voor de Brusselse beurs . Toch is ook hier de nuance geboden. Want al is het salon zo goed als uitverkocht – er is letterlijk geen vierkante meter meer vrij – toch glanzen enkele vertrouwde namen door afwezigheid. Jaguar en Land Rover geven verstek, net als Volvo, dat de klassieke autosalons al jarenLinks laat liggen . Ook het Chinese Lynk & Co en het Amerikaanse Lucid prijken niet op de lijst. Het salon is dus groot, maar niet álle merken willen nog mee in de carrousel.

Astrid Hall krijgt nieuwe rol

Om al dat geweld een plek te geven, moest Febiac uitwijken naar extra ruimte. De Astrid Hall, voor velen bekend als de inkomsthal via Parking C, wordt voortaan volwaardig bij de expositieruimte gevoegd. Wie binnenwandelt via die kant, belandt niet langer in een anonieme gang, maar meteen in een “gezellige, warme salonsfeer”, belooft de organisatie . Het asfalt van Parking C is er nog altijd even lamentabel aan toe, maar de beleving moet erop vooruitgaan .

Nocturne gered van de schop

Er even aan gedacht om ermee te stoppen, maar uiteindelijk toch doorgezet: de nocturne blijft behouden. Op vrijdag 16 januari 2026 blijft het salon uitzonderlijk open tot 22 uur ’s avonds . Febiac speelde kort met het idee om de avondopenstelling af te schaffen, wellicht om kosten te besparen of de organisatie te stroomlijnen, maar het zag er toch van af. Goed nieuws voor wie overdag geen tijd heeft, maar ’s avonds wél wil kuieren tussen de nieuwste modellen.

Wanneer en wat kost dat plezier?

De Brussels Motor Show loopt van vrijdag 9 januari (met een persdag overdag en een exclusieve Opening Night ’s avonds) tot zondag 18 januari 2026. Het grote publiek kan terecht van zaterdag 10 tot en met zondag 18 januari, dagelijks van 10 tot 19 uur .

Wie alvast wil plannen: de online ticketverkoop start op 27 oktober 2025 . Wie slim is, koopt dan meteen zijn entree, want wie wacht tot na Nieuwjaar betaalt de hoofdprijs. Een ticket kost aan de kassa 18 euro voor volwassenen en 10 euro voor kinderen van 10 tot 15 jaar. Tot en met 31 december zijn er online nog early bird-tickets beschikbaar aan 15 euro .

Meer dan alleen kijken

Naast het traditionele standenparcours is er ook aan animatie gedacht. In Paleis 6 kunnen bezoekers hun virtuoze rijkunsten tonen op twaalf professionele racesimulators van The Sim Power . In de Astrid Hall loopt een opvallende samenwerking met internetfenomeen POG, die een deel van zijn indrukwekkende supercarverzameling tentoonstelt . En voor de kinderen is er de Family Tour, een educatief spel langs de stands .

Kritische noot bij alle grootspraak

Toch past bij alle enthousiasme ook een vleugje realisme. Febiac spreekt graag van het “grootste evenement voor auto’s, motoren en bedrijfsvoertuigen van Europa” . Maar wie de bezoekersaantallen van de voorbije jaren bekijkt, weet dat het salon nog een flinke weg te gaan heeft. In 2025 waren er 307.000 bezoekers, een schim van de 756.900 die in het recordjaar 2000 nog door de paleizen stroomden . De glorie van weleer is nog lang niet terug.

Bovendien blijft de vraag of de terugkeer van de motor genoeg zal zijn om een nieuw, jonger publiek te lokken. En of de afwezigheid van merken als Volvo en Jaguar geen symbolische betekenis heeft voor de toekomst van het klassieke autosalon.

Vooruitblik

Hoe dan ook: met 86 merken, een verse motorafdeling en een geredde nocturne zet Febiac stevig in op vernieuwing. Of dat volstaat om de tanende bezoekersaantallen weer op te krikken, moet blijken in januari. Tot dan is het aftellen geblazen – nog exact 100 dagen.